Ralph Steadman is de anarchistische artiest achter een aantal van de meest memorabele illustraties van de twintigste eeuw en daarna. Hij houdt ook van muziek: naast dat hij graag aan zijn trompet-skills werkt, heeft Steadman zijn eigen album geproduceerd en heeft hij vele originele albumcovers ontworpen. Een selectie van Steadmans werk is nu te zien in ‘Gonzo Notes’, een tentoonstelling in de Sonos stores in Londen en New York.

Ralph Steadmans werk in samenwerking met Hunter S. Thompson heeft bijgedragen aan het veranderen van het heersende beeld van de journalistiek. Hij is vooral bekend van zijn aandeel in Gonzo, een journalistieke stijl die het gevestigde idee van wat ‘goede’ journalistiek inhoudt, in termen van stijl en onderwerp, volledig op zijn kop zette. De albumcovers die Ralph door de jaren heen met tussenpozen heeft ontworpen vormen zijn minder bekende werk. Ralph werkt met uiteenlopende artiesten als Miles Davis, Frank Zappa, Ed Harcourt en, heel recent, met rappers Travis Scott en Quavo van Huncho Jack, maar zijn kenmerkende stijl schijnt door in al zijn werk.

Net als zijn illustraties, waarin hij wilde penseelstreken en spetterende inktvlekken combineert met messcherpe lijnen en perfect rond getekende cirkels, is Ralph een freewheeler die intuïtief reageert in interviews: Ellenlange, woordelijke voordrachten van Shakespeare, Sylvia Plath en Edward Lear wedijveren met nog steeds felle aanvallen op de politieke ellende in de wereld.

We hebben wat tijd met Ralph doorgebracht in zijn woonplaats op het Kentse platteland, waar we ons bewogen tussen zijn schitterende huis, de plaatselijke pub en zijn tot studio omgebouwde garage, waar hij de handigheidjes van zijn nieuwe Sonos-speakers begon op te pikken, zodat hij moeiteloos en on the fly kan switchen naar welk cassettebandje, welke plaat of cd uit zijn collectie hij maar wil horen. Hij praat over zijn creatieve proces, zijn waardevolle verstandhouding met muziek en, eerlijk gezegd, alles waar Ralph, een van ’s werelds grootste sociale entertainers, het maar over wilde hebben.

De plaat die je nu op hebt staan is fijn om rustig je dag mee te beginnen. Wat is het?
Dit is Billie Holiday; zo’n mooie stem. [Hij begint op te gaan in de nieuwe afbeelding waar hij net aan is begonnen, hij schakelt over naar een casettebandje van Bob Dylan’s Basement Tapes, een wat chaotischere en ergens beter passende soundtrack bij de inktvlekken die hij is gaan maken op het papier.]

Luister je muziek als je aan het werk bent? Misschien kun je wat favorieten noemen?
Ik hou heel erg van [Marcel] Duchamp. Hij was speels en ondeugend – je zou absoluut een lijn kunnen trekken van zijn werk naar Gonzo.

En de plaat die je zelf hebt gemaakt? Heb je daar nog een exemplaar van?
[Hij vindt een rood singeltje met twee nummers die hij heeft geschreven over Leonardo da Vinci, een van zijn langst aanhoudende inspiratiebronnen.] De titel is afgeleid van een citaat van Sigmund Freud over Da Vinci, The man who woke up in the dark. Die quote diende ook als inspiratie voor mijn boek I, Leonardo, een boek in ik-vorm over Da Vinci, dat ik heb geschreven en geïllustreerd. Weet je, Hunter zei tegen mij: “Ralph! Niet gaan schrijven. Dan maak je je familie te schande.”

[Ralph verwisselt de plaat en voor enkele prachtige ogenblikken wordt hij meegevoerd door de muziek. Hij zingt mee met het nummer dat hij bijna veertig jaar geleden maakte.]

Mixing colours… the parts create the whole
Mixing colours… don’t you need some magic in your soul?

Je maakt nu al tientallen jaren kunst in welke vorm dan ook. Ga je uiteindelijk nog wel regelmatig naar de studio?
Als ik de behoefte voel wel, ja. Soms maak ik me er druk om of ik niet gewoon een vervuiler ben met al dat nieuwe werk dat ik maak. Ik wilde de wereld veranderen met mijn kunst, maar is dat gelukt? Als het is gelukt, en ik kijk hoe de wereld er nu aan toe is, was het niet bepaald een verbetering!

Kun je ons wat recente projecten laten zien?
Dit vind ik mooi [hij haalt een abstract werk tevoorschijn]. Ik heb er smerig water op gegoten, wat een mooi effect geeft. Het water moest wel héél smerig zijn en moet lang blijven liggen. Dat kon ik niet schilderen. Met dit werk [hij loopt naar een cartooneske maar nachtmerrieachtige voorstelling van mensen verkleed als Disney World-personages die kinderen bang maken], ik ben altijd zo benieuwd naar die mensen in hun kostuums. Ze komen zo sinister over. Vinden kinderen dit echt leuk?

Weet je wie dit is? [Hij wijst omhoog naar een zwart-witfoto van een naakte man die met zijn rug naar de camera staat.]

Nee, wie is dat?
Louis Armstrong! Ik heb hem gemaakt in Zaïre. [Ralph en Hunter werden naar Zaïre in Afrika gestuurd om de bokswedstrijd tussen Muhammad Ali en George Foreman te verslaan. Ze kwamen echter nooit bij het gevecht aan, omdat Hunter de tickets had verkocht in ruil voor marijuana. Ralph moest daardoor de wedstrijd vastleggen via de tv van een hotelbar. Waar een naakte Louis Armstrong in dit verhaal past is nooit helemaal duidelijk geworden.]

Het klinkt alsof je creatieve dagen er nu wel wat anders uitzien dan toen jullie van hotel naar hotel renden in Zaïre?
O ja, natuurlijk; dat moet ook wel. Ik zou deze boeken niet opnieuw kunnen maken [hij gebaart naar de exemplaren van zijn boek, I, Leonardo]. Ik heb het omslag trouwens in dit huis getekend. Toen verhuisden we de studio naar waar Sadie, mijn dochter, nu woont en toen uiteindelijk naar de garage waar hij nu nog steeds zit.

Je maakt nog steeds zo nu en dan werk in opdracht, toch?
Ja, dat deed ik. Voor The Who bijvoorbeeld. Weet je nog wie Brian Auger and The Trinity zijn? Julie Driscoll? Ik heb een tekening gemaakt waarop ze op straat dansen en het leek bijna een schilderij van Hogarth.

Je nieuwste werk is misschien wel een van de meest onverwachte muzieksamenwerkingen die je hebt gedaan. Wat denk je dat de rappers Travis Scott en Migos’ Quavo van Huncho Jack trekt in jouw werk?
Ik weet het niet echt. Ik denk iets rommeligs – iedereen die van rommel houdt kan erdoor worden aangetrokken. Misschien is er zo’n tegencultuur-stroming in opkomst. Ze wilden zo’n Fear and Loathing in Las Vegas-idee – zo’n Gonzo-idee; de vleermuizen, cactussen en rechte lijnen.

Voordat ik aan de albumhoes begon zou Travis ons bellen om zeven uur en we zaten bij de te telefoon in de keuken te wachten, te wachten en nog langer te wachten! Ondertussen schreef ik een gedicht, het staat in mijn notitieboekje.

Kun je ons dat voorlezen?

No long wait, dude on the run,
Sitting here wondering, having no fun.
Rap out a song, meaning to call you,
No number to do that, where the fuck are you?
Could be a winner, could be a lot,
Could be a hitter, Travis Scott.
Scott on the landscape, Scott in shit,
Scott said he’d ring me about a disc pic.
This is no rap, this is no dice,
This is a torture, worse than head lice.
Give me a signal, give me a sign,
Give me an eye-poke, give me more wine!

Ze hadden het album samen met jou moeten maken.
Ja, dat hadden ze best kunnen rappen, hè?

Veel woorden die worden gebruikt om jouw kunst te beschrijven worden vaak geassocieerd met bepaalde muziekgenres, zoals wild, surrealistisch en met zwarte humor. Ben je weleens muziek tegengekomen die voor je gevoel je visuele werk op de een of andere manier weerspiegelt?
Ik luister veel naar de Oostenrijks-Hongaarse componist György Ligeti. Ik hou ook van de Trumpet Voluntary, gespeeld door Willem Breuker en zijn ‘kollektief’. Ken je Breuker? De melodie gaat zo [hij bootst een bekend klinkend trompetmelodietje na met zijn mond]. Maar hun trompettist, ik weet niet hoe hij heet, speelt het en dan gaat het zo aan het einde [hij imiteert een wilde, free-jazz-/avant-garde-achtige reeks trompetnoten]. Het is staccato, maar dan gaan ze helemaal los – het gaat alle kanten op. Net als inkt, op een bepaalde manier.

Dit bericht is ook beschikbaar in: en-au da de es fr it no sv en-gb en